studiemogelijkheden en aanmelden

contact en open dag

verder lezen

de passie van docenten

een dag uit het leven van een student

filmportretten van oud studenten

portret van onze opleiding

welkom

Veel gestelde vragen

Natuurlijk heb je nog tal van vragen over onze opleiding. Op de open dagen kun je ze direct aan docenten en studenten stellen. Maar op de meest voorkomende vragen geven we alvast een antwoord.

 

Ben je als leraar veel tijd kwijt aan voorbereiding?

De leraar staat veel naslagwerk ter beschikking om de perioden en lessen voor te bereiden. In veel scholen wordt de nieuwe leraar ook begeleid door ervaren leraren. Zo sta je er niet alleen voor. Enthousiaste leraren willen nog wel eens te veel doen. Time-management is voor een vrijeschoolleraar onmisbaar.

 

 

 

Wordt er ook gewerkt met lesmethodes?

In de vrijeschool was oorspronkelijk geen lesmethode te vinden. Iedere leraar maakte zelf zijn lessen. Door toenemende eisen van buitenaf wordt er op dit moment gebruik gemaakt van methodes. Deze zijn geen leidraad van de les, maar hulpmiddel.

 

 

 

Is er veel werk aan registratie?

Naast het lesgeven is verslaglegging een steeds groter wordende taak van de leraar. Het was de bedoeling van de overheid dat het bijhouden van logboeken, volgsystemen en klassenboeken het onderwijs zou verbeteren. Maar niemand bedacht dat het een enorme taakverzwaring is, wat de vitaliteit van de leraar niet ten goede komt. Dit geldt natuurlijk voor de hele onderwijswereld.

 

 

 

Hoe staat het met computer-gebruik?

In onze moderne samenleving is de digitalisering niet weg te denken. Toch menen wij dat het kleine kind eerst contact moet krijgen met de levende werkelijkheid en daarna met de digitale werkelijkheid. Met het gebruik van de computer en het digitale schoolbord wordt daarom met terughoudendheid omgegaan. Leraren werken veel met de computer. Voor het voorbereiden en de verslaglegging is de pc een dankbaar hulpmiddel.

 

 

 

Hoe gaat de vrijeschoolleraar om met de ouders?

Kinderen voelen zich veilig als het contact tussen ouders en juf/meester goed is. In deze ontspannen relatie kunnen zij zich openen en zelfs moeilijke opdrachten tot een goed einde willen brengen. Contacten tussen leerkrachten en ouders zijn zelden vrijblijvend: altijd gaat het om het kind! Het hygiënisch omgaan met elkaar heeft een open, maar ook een formeel karakter.

 

 

 

Als je meerdere jaren een klas hebt, hoe ga je dan om met kinderen waar het niet mee klikt?

Iedere leraar komt kinderen tegen die hij niet begrijpt of die soms zelfs irritatie opwekken. Het zijn raadsels die om een oplossing vragen. Met hulp van derden kan vaak duidelijk worden wat dit kind eigenlijk nodig heeft, en of het in deze klas op zijn plaats is. Een andere kijk op deze problematiek is dat dergelijke kinderen ook wel de rol van ‘steekvlieg’ hebben. Zij confronteren de leraar met zijn eigen onmacht en onkunde. Het vergt een lange weg van zelfreflectie om te zien wat er werkelijk speelt. Er zijn dus meerdere aspecten die om aandacht vragen als er met een kind geen ‘klik’ is. Het is te gemakkelijk om te stellen dat het systeem niet deugt.

 

 

 

Hoe zit de organisatie van een vrijeschool in elkaar?

Leraren voelen zich eerder opvoedingskunstenaars dan schoolmeesters. Zij besteden veel tijd aan scholing. De organisatie is daarom meestal in handen van een schoolleider en van bestuursleden. Sommige scholen zijn gefuseerd tot regionale organisatorische eenheden, om de efficiëntie te vergroten.

Over het algemeen heeft het lerarenteam wel een grote stem in het beleid van de school. Het staat immers aan de basis van het onderwijs dat gegeven wordt, en geeft dit ook zelf vorm binnen de kaders die hiervoor gesteld zijn. Op de wekelijkse leraarvergaderingen komen zowel pedagogisch inhoudelijke als organisatorische onderwerpen aan de orde.

 

 

 

Kan je met deze opleiding alleen voor een (vrijeschool)klas?

In deze opleiding leer je kijken naar kinderen op een respectvolle, frisse manier. Behalve door het opnemen van kennis, ontwikkel je je op kunstzinnig en fysiek gebied, waardoor je creatief en proactief in het leven komt te staan.

Deze opleiding zal alle functies, en zeker die waar kinderen bij betrokken zijn, een meerwaarde geven.

 

 

 

Is het belangrijk dat een leraar zelf kunstzinnig is?

Ieder mens is in staat om creatief te zijn. In deze opleiding ontdek je waar jouw specifieke talenten liggen. Dat kan zijn op het gebied van het sociale verkeer, op het gebied van organisatie, of op het gebied van beeldende of muzikale kunsten.

 

 

 

Moet je lenig zijn?

Een leraar heeft een goede conditie nodig voor zijn vak. Net als in elk ander beroep is dat een levenslange uitdaging. De vrijeschool ziet de motorische ontwikkeling bij kinderen als de basis van ontwikkeling. De leraar traint daarom zijn fysieke coördinatie en concentratie om de kinderen hierin goed te kunnen begeleiden. In deze opleiding wordt er naast lichamelijke oefening ook aandacht besteed aan de energetische bewegingen. In de euritmie worden door subtiele bewegingen ook klank en woord tot uiting gebracht.

 

 

 

Moet een leerkracht van de vrijeschool antroposoof zijn?

Nee, absoluut niet. Het is belangrijk dat je een open houding hebt ten aanzien van andere visies op mens-zijn en leven. Don’t say no, just say oh!

 

 

 

Hoe vier je de jaarfeesten als je niet christelijk bent?

De jaarfeesten hebben een christelijke achtergrond. Het christendom wordt in de vrijeschool niet gezien als één van de wereldreligies, maar als een wereldwijde cultuur van universele waarden.

De feesten zijn verbonden met de loop van de zon in het jaar. In de zomer, als de zon hoog aan de hemel staat, gaan we naar buiten om het Sint Jansfeest als zonnewendefeest te vieren. In het midden van de wintertijd vieren we het kerstfeest, dat samenvalt met de terugkeer van de zon. Zowel in de natuur als in ons menselijk bestaan is er een ritme tussen naar binnen en naar buiten keren.

 

 

 

Hoe past de vrijeschool in het Nederlandse onderwijsbestel?

De vrijeschool behoort tot het neutraal of algemeen bijzonder onderwijs. Het wordt door de overheid gesubsidieerd en valt onder het toezicht van de onderwijsinspectie. Het specifieke mensbeeld en de daarop gebaseerde onderwijskundige grondslagen rechtvaardigen een eigen richting binnen de vrijheid van onderwijs in Nederland.

 

 

 

Hoe zijn de cognitieve leerresultaten op de vrijeschool?

De uitstroom van leerlingen naar het vervolgonderwijs ligt op vrijescholen over het algemeen boven het landelijk gemiddelde. Een groot deel van de leerlingen gaat na de basisschooltijd niet verder naar de bovenbouw van de vrijeschool, maar naar een reguliere middelbare school in de omgeving. De overstap van de vrijeschool naar de reguliere middelbare school verloopt doorgaans goed. Vrijeschoolkinderen worden vaak getypeerd als creatieve denkers, betrokken bij de school. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt bovendien dat vrijeschoolleerlingen het leren leuk blijven vinden, ook aan het einde van de schooltijd.

Veel vrijescholen maken gebruik van landelijk genormeerde toetsen voor het volgen van de resultaten van de leerlingen. Bij het advies voor het voortgezet onderwijs wordt naast de resultaten van de gehele schoolloopbaan gebruik gemaakt van landelijke onderzoeken en testen zoals de NIO-test en het drempelonderzoek van Cito.

 

 

 

Is het vrijeschoolonderwijs spiritueel onderwijs?

Rudolf Steiner, de grondlegger van de antroposofie heeft in 1919 de vrijeschool in het leven geroepen. Zijn inzichten over de mens als geestelijk wezen vormen de grondslag van het pedagogisch handelen.

Dit komt tot uiting in de wijze waarop de leraar met kinderen omgaat. Een kind is als een reiziger die een nieuw land binnentrekt. Het ontdekt zijn lichaam, zijn binnenwereld en de grote buitenwereld. Dit doet het kind op zijn eigen, unieke manier. De vrijeschool wil die ontdekkingsreis zó begeleiden dat het kind vooral ook zichzelf leert kennen en waarderen. Dat het kind mag zijn wat het is: een onvervangbaar individu, een wezen met een geestelijke kern. Dit spirituele uitgangspunt komt in de lespraktijk bijv. tot uiting in de ochtendspreuk ‘Ik zie rond in de wereld, waarin de zon haar licht zendt, waarin de sterren fonkelen, waarin de stenen rusten, de planten levend groeien, de dieren voelend leven, waarin de mens bezield de geest een woning geeft.’ Het staat iedere leraar vrij om een eigen ingang tot de antroposofie te vinden.

 

 

 

Is de vrijeschool niet teveel een afgesloten wereld?

De leraren vormen landelijk en wereldwijd een groep mensen met idealen. Ze kiezen voor duurzaamheid, de menselijke maat, solidariteit en innerlijke ontwikkeling. In vele bijeenkomsten wordt gewerkt aan de gezamenlijke doelen. Er zijn voorbereidende cursussen in de zomer, wereldconferenties van leraren in Dornach en er zijn vele regionale werkgroepen.

De uitwisseling van kennis en ervaring met andere vormen van onderwijs is een aandachtspunt voor de vrijeschool in zijn algemeenheid. Hier liggen zeker nog mogelijkheden voor verdere ontwikkeling. Het verschil van pedagogische inzichten vormt nog vaak een drempel.

De vrijeschool wordt ook door ouders niet ervaren als een afgesloten wereld. Zij komen uit allerlei verschillende hoeken van de samenleving en delen eenzelfde visie op het opvoeden van hun kinderen. Vrijescholen zijn echte gemeenschappen met veel sociale contacten. Allochtone bevolkingsgroepen vinden niet gemakkelijk de weg naar de vrijeschool omdat deze onderwijsvorm hun veelal niet bekend is.

 

 

 

Pas je als vrijeschoolleraar nog wel in de moderne maatschappij?

Leraren zijn mensen van deze tijd en van deze cultuur. Iedereen moet zijn of haar leven inrichten zoals hij of zij dat zelf wil en moet doen waar hij of zij zich goed bij voelt. Het maken van keuzes is niet iets specifieks van een vrijeschoolleraar, maar hoort bij volwassenheid. De persoonlijke vrijheid is het uitgangspunt.

Foto © Hapé Smeele